Via de la Plata

Wanneer begint een nieuwe Camino? Op het moment van plannen maken? Als je de data in je agenda hebt geblokt? Als je je ticket hebt geboekt? Vandaag vond ik in elk geval dat het moment aangebroken was om mijn blog weer wakker te schudden.

Vorige week liep ik met Camino-vriendin Agnes op het strand bij Bergen aan Zee met een stevige wind en een blauwe lucht.

Vandaag liep ik met Camino-vriendin Cecilia een dagwandeling door de Kennemerduinen. De weersomstandigheden waren nu een stuk heftiger: opnieuw een stevige wind maar nu met regen! Dat was natuurlijk wel dé gelegenheid om mijn outfit te testen. Ik vertrok naar station Santpoort-Noord met een rugzak vol winterse attributen en regenkleding. In navolging van mijn mede-pelgrims op de Camino de Madrid in oktober heb ik een ‘donsje’ aangeschaft, een donsjasje van 380 gram, op te rollen tot een onwaarschijnlijk klein propje. Na vijf jaar Camino’s lopen verving ik mijn H&M jasje door een waterdicht jack van Decathlon, vandaag bleek dat een gouden greep!!! Ook na uren door de regen bleven romp en benen (regenbroek) heerlijk warm en droog. Ik vertrek deze keer zonder poncho!

Helaas waren mijn waterdichte Goretex bergschoenen, ook ná reinigen en inspuiten met spray-on waterproofing Nikwax, zo lek als een mandje en liep ik het tweede deel van de tocht te soppen in mijn loodzware schoenen!!! Ook de handschoenen werden zwaar van de regen.

We liepen de NS wandeling van Santpoort Noord door de duinen naar zee, een stuk over het strand, een lunch met erwtensoep en een broodje bij Parnassia en door de duinen naar Overveen, 15 km.

Het plan is om 3 maart naar Sevilla te vliegen en daar na een dagje sightseeing in mijn uppie in tien dagen naar Mérida te lopen, daar sluit Cecilia aan en samen lopen we dan door naar Salamanca, in totaal 500 km. Ik kan niet wachten!

Inmiddels zit ik weer lekker thuis, warm en droog. De natte spullen hangen bij de kachel en ik heb een biertje opengetrokken. Nog een weekje….

Na 365 km vóór de kathedraal (van Léon deze keer)! Dag 17: naar Léon, 18.5 km

Vanmorgen voor de laatste keer de slaapzak opgerold en ontbeten met tostada, café con leche en zumo de naranje.

Gelukkig hadden we een mooie droge dag voor de afsluitende etappe. Er was aardig wat volk op de been en de route liep een stuk langs de weg, maar er was ook nog een mooi klimmetje met zicht op Léon, wat een grote stad is.

Het binnenlopen van de stad gaf net zo’n gevoel als in Santiago, de kathedraal van Léon was een waardige plek om dit Camino avontuur af te sluiten! We haalden onze laatste stempel en maakten de obligate selfie én groepsfoto.

We genoten van de laatste gezamenlijke lunch in een gezellig restaurant en deden nadien nog wat sightseeing…..

Casa de los Botines van Gaudi en….

Convento de San Marcos.

Na het ontbijt nemen we morgen afscheid van Cees en Cecilia die nog 300 km verder lopen naar Santiago en reizen wij weer huiswaarts.

Adios en tot de volgende keer!

Op weg naar het einde. Dag 16: naar Mansilla de las Mulas, 18.9 km

Vandaag begon héél anders dan gister, het was droog en het was helder, als op een mooie winterdag waarop je de schaatsen zou willen onderbinden . We aten eerst de lékkerste tostada van deze hele Camino en stapten al weer snel verder op hetzelfde pad als gister. De regenplassen waren door de dorstige grond op- en weggezogen, zodat we makkelijk over de droge grindpaden liepen.

Je zou denken dat de eentonigheid van dat eindeloos lange pad langs de weg stierlijk vervelend zou zijn, maar gek genoeg heb ik me helemáál niet verveeld vandaag. Ik had heerlijk droge voeten (de kranten en de warme radiator hadden de schoenen helemaal droog gekregen!), warme handen met mijn handschoentjes aan, tintelend koude oren en zichtbare wolkjes adem uit mijn mond. De cadans van mijn stokken en elke tien meter een boom (het moeten er honderden zijn geweest!) brachten me in een heerlijk ritme.

Halverwege had de zon zóveel kracht dat we zelfs op een terrasje konden neerstrijken voor heerlijke koffie, een empenada én een geweldige appeltaart!

We ontdekten dat we niet meer alléén onderweg waren nu we op de Camino Francés zijn, want de albergue die we hadden uitgekozen was al vol! Een private herberg was gesloten maar vermeldde wel een telefoonnummer op de deur. De dame kwam naar ons toe en opende de herberg alsnog voor ons en zo hadden we uiteindelijk 14 stapelbedden voor onszelf!

De kachel is hier uit, maar er zijn voldoende dekens, dus dat móet wel gaan lukken vannacht.

Morgen de laatste dag!

Hééélemaal Herfst! 🍁🍂🍁Dag 15: naar El Burgo Ranero 17.7 km

Gisteravond was er een pelgrimsmis in de kerk van het klooster, waar Cees werd uitgenodigd om een stukje uit de Bijbel voor te lezen, de priester hield een engelstalige preek. De pelgrims werden uitgenodigd naar voren te komen en we kregen allemaal persoonlijk een pelgrimszegen van de priester met een kruisje op ons voorhoofd van een non. Ik vond het niet respectvol om foto’s te maken, maar het zag er heel liefdevol uit.

Vannacht regende het weer en ook toen we vanmorgen het klooster verlieten regende het! Het is haast niet meer voor te stellen dat we twee weken geleden nog zonnebrand smeerden en bang waren voor een zonnesteek! Het eerste uur had ik met name last van koude handen, want wollen handschoentjes in de regen werkt niet. Een half uurtje later siepelde het eerste water in mijn (waterdichte!) Goretex schoenen.

We liepen de hele dag op een lang recht grindpad langs een asfaltweg. Jaren geleden hebben ze daar langs kleine boompjes geplant om de pelgrims tegen de ongenadig hete zon te beschermen. Die bomen worden inmiddels zó groot dat ze ze straks moeten opkronen omdat je er anders niet eens meer onderdoor kunt lopen!

Halverwege de route konden we alle nattigheid uittrekken en opwarmen in een café. We deden ons tegoed aan grote bekers koffie, broodjes en koekjes. Er werd in het café besloten te overnachten in een hostel met normale bedden, linnengoed en verwarming in plaats van in de Spartaanse donativo albergue, watjes!

Bij aankomst in het hostel kwam de eigenaresse meteen bedrijvig op ons af om alle natte jassen en poncho’s uit te hangen. We kregen een stapeltje kranten voor de natte schoenen en het aanbod onze natte/vieze kleren op een hoop te gooien, zodat ze die kon wassen en drogen. Even later lagen we schoongewassen onder een warme douche met droge kleren aan op ons bed een muziekje te luisteren. Dan stellen die paar uurtjes afzien in de ochtend eigenlijk helemaal niks meer voor!

Op het plaatje is goed te zien hoe dat met de Meseta (hoogvlakte) zit: boven Madrid ligt een bergketen waar we overheen geklauterd zijn, dan de hoogvlakte die doorloopt tot net boven de lijn Burgos-Leon, waar de Camino Francés loopt. We lopen in drie dagen naar Léon, daarna gaan Cecilia en Cees nog door naar Santiago, dat stuk heb ik in het voorjaar gelopen.

Nog maar twee dagen te gaan!

Aansluiting op de Camino Francés. Dag 14: naar Sahagún, 21.2 km

Vannacht regende het op het platte dak waar ik onder lag, het klonk gezellig, net als het getik op het tentzeil vroeger.

Vanmorgen is de Spaanse Victor (op zijn Spaans uitgesproken als Bíctor, wat me doet denken aan het filmpje van Abel met zijn kníptor!) al om víjf uur vertrokken! Hij heeft in totale duisternis zijn spullen ingepakt en is in de donkere nacht verdwenen. Wat bezielt een mens om drie uur vóór het licht wordt in de regen op pad te gaan?

Bij vertrek was er wat discussie over de te volgen route: de Camino route over landwegen met risico van blubber en plassen na d nachtelijke buien of een (kortere route) over asfalt langs de weg. We kozen voor de landweg en hadden al gauw de grootste moeite om overeind te blijven op de spekgladde paden. Binnen de kortste keren hingen er klonten klei aan onze schoenen en voelde het alsof we op plateauzolen liepen. Na een worsteling van een uur bereikten we het eerste dorpje met (raad eens) een gesloten barretje, zodat we in een tochtig bushokje schuilden voor de regen die inmiddels was begonnen en we tooiden ons daar in volledig gevechtstenue met regenbroeken, rugzakhoezen en poncho’s. Wéér was er wat gedoe, verwarring en misverstand over de verdere route, maar het leidde niet tot handgemeen!

We ploeterden verder naar het mini-stadje Grajal de Campos met een enorm kasteel, het prototype van een Playmobil ridderkasteel: vierkant met vier hoektorens.

We liepen naar Sahagún, het eindpunt van de Camino de Madrid. Je kunt hier stoppen óf verder gaan naar Santiago via de Camino de Francés óf via de Camino de Salvador naar Oviedo.

Ik haalde in het Sanctuario de Perigrina een stempel en een certificaat van aankomst in Sahagún.

We checkten in bij een albergue in een voormalig klooster de Santa Cruz, straks een mis en een pelgrimszegen.

We vervolgen onze route nog drie dagen op de Camino Francés tot Léon en die is een stuk drukker belopen dan die vanaf Madrid. Kijk maar naar het schoenenrek! Dát wordt even wennen!

Hélemaal Zen! Dag 13: naar Santervás de Campos, 21.6 km

We hebben gisteren tijdens de ‘dagafsluiting’ in de bar het thema Meseta besproken en hoe we die verschillend ervaren; ik kwam tot de conclusie dat ik wat meer op details moest gaan letten (zoals veranderende luchten en wolkenpartijen) en de omgeving meer zonder oordeel moest ervaren. Ik heb me vandaag heel mindful opengesteld en kreeg een prachtige dag! Dat kwam misschien óók doordat de wind zich koest hield, we louter over zanderige/modderige (het heeft geregend) landwegen liepen (en nergens asfalt!), er wat glooiing in het landschap zat én de zon zich af en toe liet zien.

Opeens doemden in de verte de contouren van de bergen in het noorden op (ze zijn op de foto’s nog niet eens te onderscheiden), die zullen we nu steeds dichterbij zien komen.

Ik voelde vandaag de weidsheid om me heen en voelde me er vrij en prettig bij. Toen we vanuit Haarlem in het Groene Hart kwamen wonen miste ik de stad, de bomen en de duinen, terwijl mensen van dáár juist van de weidsheid van de weilanden houden en graag van zich áf willen kijken.

De gedachte aan mijn volwassen kinderen, mijn schatten van kleinkinderen ver weg in het regenwoud en ikzelf daar in die onmetelijke ruimte maakte dat ik me bevoorrecht en dankbaar voel.

En hebben jullie gezien hoe prachtig horizontaal die horizonnen op de foto’s staan? Dat is niet omdat ik zo’n vaste hand van fotograferen heb, maar ik raak al aardig bedreven in het aanpassen en uitsnijden van de plaatjes op mijn Samsung telefoontje!

In de albergue zagen we naast de Chileense een tweede pelgrim, de Spaanse Victor, die in de omgekeerde richting naar Madrid onderweg is. De barman had niet gerekend op zo’n invasie van pelgrims, we kregen soep en nadien sloot hij de bar om inkopen te doen om straks voor ons te kunnen koken!

We hebben voor het eerst sinds dagen weer eens wifi in de albergue, ik ga proberen of ik daar een DWDD mee kan bekijken!

Het kanaal en nog stééds die vlakte. Dag 12: naar Cuenca de Campos, 23.3 km

Gister zong Simone met haar heldere sopraan een prachtig lied in de Santa Maria kerk in Medina de Rioseco, ze zingt al jaren in een koor. Wat moet het heerlijk zijn om zó te kunnen zingen!

Vanmorgen liepen we circa 10 km langs het Canal de Castilla, het werd rond 1800 gegraven en is 207 km lang en functioneerde als trekvaart. Op de Camino Francés loop je er ook een stuk langs. Het was prachtig met de bomen in herfstblad, het zag er haast Hollands uit.

Vanzelfsprekend was het barretje in het eerste gehucht na 12 km gesloten. We hadden ons al bij deze teleurstelling neergelegd toen er een toeterende bakkersauto langs reed, waar we brood en caketjes konden kopen.

Daarna begon onverbiddelijk het lange en oersaaie vervolg van de route en liepen we 11 km over het asfalt door een volledige kale winderige vlakte! Het tweede deel van deze Camino is volledig anders dan het eerste deel en wordt bepaald door de vlakke meseta, daar moet je wel van houden.

De enige begroeiing die we zagen was dood, deze zielige, verdorde zonnebloem geeft de troosteloze sfeer van dit tweede deel van de dag weer (maar had geen enkele invloed op mijn stemming 😉)

Het laatste stukje kwam er een zandweg, in de verte het kerktorentje van het einddoel van de dag….

….. en werden we welkom geheten in de albergue. Geen sterveling op straat, maar tot onze verrassing een flink gevulde comedor in het enige restaurant, waar we ons dagelijkse driegangen dagmenu aten. Als drankje bij de lunch drinken we vino tinto (rode wijn) aangelengd met Casera, een soort 7-up en dan heet het tinto de verano (zomerwijn). Pas in het uurtje vóór bedtijd, als we nog een drankje doen in de lokale bar komt er een biertje op tafel. 🍺🍺

In het restaurant stond op een prominente plek het opgezette lichaam van de hazewindhond Faruq, die de nummer 1 van Spanje is geweest! Beetje morbide, maar je kan maar trots zijn!